Schrif­te­lijke vragen geothermie


De geothermiesector is in Nederland aan een opmars bezig. Ook in Fryslân is deze ontwikkeling zichtbaar. Geothermie is onderdeel van de duurzame energiemix zoals vastgesteld in de beleidsbrief Duurzame Energie 2016 en het Coalitieakkoord noemt geothermie en warmtenetten, zeker voor industriële toepassing, veelbelovend.

Maar ondanks het duurzame imago van geothermie zijn er ook tegengeluiden. Zo waarschuwt Staatstoezicht op de Mijnen over de veiligheid en de kosten van geothermie[1], en kondigt Minister Wiebes nieuwe eisen aan[2], omdat de sector aan een professionaliseringsslag toe is. Er zijn veertien partijen die geothermie exploiteren. Geen enkele daarvan heeft een geldig winningsplan[3].

De Vereniging van waterbedrijven Nederland (Vewin) dringt aan op een betere bescherming van grondwater en drinkwater[4].

Met de groeiende geothermiesector neemt ook de druk op- en de drukte in de ondergrond verder toe. Het Rijk is daarom bezig een integrale structuurvisie op te stellen over de ruimtelijke ordening van de ondergrond (STRONG). Ook in Fryslân wordt de bodem beter in kaart gebracht, bijvoorbeeld met een provinciaal warmteplan.

In de LC van 17 februari[5] kunnen we lezen dat Leeuwarden zo snel mogelijk van het aardgas af wil en dat er plannen zijn voor twee diepe geothermieputten en één plan voor ultradiepe geothermie (Friesland Campina) in de stad. Ook bij Aware in Heerenveen zijn er plannen voor ultradiepe geothermie.

Wij hebben hierover de volgende vragen:

1) In het uitvoeringsprogramma jaarplan 2017 staat op p.4:

Begin 2017 is er een overzichtskaart van beschikbare warmte (geothermie en restwarmte) in Fryslân beschikbaar. Deze kaart levert input voor een provinciale warmteplan. Dit plan wordt ingebracht in de regionale energiestrategie.

a) Wanneer ontvangen PS de toegezegde overzichtskaart?

b) Wanneer ontvangen PS het provinciaal warmteplan?

c) Hoe is het warmteplan opgenomen in de regionale energiestrategie?

2) In uw brief van week 44 2017 geeft u aan dat er op dit moment zeven geothermiedoubletten (d.w.z. parallelboringen; warm water wordt in één pijp opgepompt en afgekoeld water wordt in de parallelle pijp teruggevoerd naar de ondergrond) in de provincie worden ontwikkeld en dat er nog geen ervaring met operationele projecten is. U heeft de wettelijke taak om het Ministerie te adviseren bij het afgeven van een opsporingsvergunning voor geothermie.

a) Om welke zeven geothermiedoubletten gaat het?

b) Hoe luidt uw advies voor elk van deze doubletten en kunt u uw keuze toelichten?

c) Op welke informatie en afkomstig van welke partij(en) per geothermiedoublet baseert u uw advies?

3) Met name op het gebied van ultradiepe geothermie zijn veel zorgen over problemen die kunnen ontstaan bij het boren op grote diepte, waarbij fracking bijna altijd nodig is. Wat betreft Friesland Campina heeft u zich in uw brief (kenmerknr. 01461427) kritisch, maar niet afwijzend, uitgesproken over de aanvraag opsporingsvergunning aardwarmte.

a) In uw brief stelt u dat de veiligheid geborgd moet zijn, de risico’s aanvaardbaar en beheersbaar en dat de burgers zorgvuldig betrokken en geïnformeerd moeten worden. U noemt daarbij wel veel bezwaren, zoals het ontbreken van kennis op het gebied van fracking, de actieve aardgasvelden in het gebied en de onduidelijkheden in de vergunningsaanvraag over bv. de financiële en technische risico’s. Waarom heeft u er niet voor gekozen het voorzorgsprincipe te hanteren en de risico’s van boren en fracking als ontoelaatbaar te bestempelen?

b) Op pagina 1 van uw brief noemt u een aantal partijen waaraan u het boringverzoek van Friesland Campina heeft voorgelegd vergezeld van een preadvies.

c) Kunt u een volledige opsomming geven van alle partijen aan wie u het preadvies heeft voorgelegd?

d) Waren zij voor- of tegen het advies?

e) Kunt u de binnengekomen reacties aan de Staten ter informatie toezenden?

f) U noemt in uw brief heel veel zorgelijke punten. Wat is/zijn voor u de doorslaggevende reden(en) geweest om tot een weliswaar kritisch, maar uiteindelijk toch positief advies te komen?

Bronnen:

[1] https://www.sodm.nl/onderwerpen/aardwarmte/nieuws/2017/07/13/staat-van-de-sector-geothermie-ook-aardwarmte-moet-veilig-gewonnen-worden
[2] https://energeia.nl/energeia-artikel/40065318/wiebes-komt-met-nieuwe-eisen-aan-groeiende-geothermiesector
[3]https://fd.nl/ondernemen/1210522/de-nederlandse-ondergrond-is-een-jungle
[4] http://www.vewin.nl/standpunten/paginas/Structuurvisie_Ondergrond_STRONG_126.aspx
[5] http://www.lc.nl/friesland/Tijd-gaat-dringen-voor-geothermie-22920963.html

Uw schriftelijke vragen op grond van artikel 41 van het Reglement van Orde, binnengekomen

op 5 maart 2018 beantwoorden wij as volgt.

lnleidende toelichting:

De geothermiesector is in Nederland aan een opmars bezig. Ook in Fryslan is deze ontwikkeling zichtbaar. Geothermie is onderdeel van de duurzame energiemix zoals vastgesteld in de beleidsbrief Duurzame Energie 2016 en het Coalitieakkoord noemt geothermie en warmtenetten, zeker voor industriele toepassing, veelbelovend. Maar ondanks het duurzame imago van geothermie zijn er ook tegengeluiden. Zo waarschuwt Staatstoezicht op de Mijnen over de veiligheid en de kosten van geothermie1, en kondigt Minister Wiebes nieuwe eisen aan2, omdat de sector aan een professionaliseringsslag toe is. Er zijn veertien partijen die geothermie exploiteren. Geen enkele daarvan heeft een geldig winningsplan3. De Vereniging van waterbedrijven Nederland (Vewin) dringt aan op een betere bescherming van grondwater en drinkwater4. Met de groeiende geothermiesector neemt ook de druk op- en de drukte in de ondergrond verder toe. Het Rijk is daarom bezig een integrale structuurvisie op te stellen over de ruimtelijke ordening van de ondergrond (STRONG). Ook in Fryslan wordt de bodem beter in kaart gebracht, bijvoorbeeld met een provinciaal warmteplan.

In de LC van 17 februari5 kunnen we lezen dat Leeuwarden zo snel mogelijk van het aardgas af wil en dat er planner) zijn voor twee diepe geothermieputten en een plan voor ultradiepe geothermie (Friesland Campina) in de stad. Ook bij Aware in Heerenveen zijn er plannen voor ultradiepe geothermie.

  • 1 https://www.sodm.nl/onderwerpen/aardwarmte/nieuws/2017/07/13/staat-van-de-sectorgeothermie-
  • ookaardwarmte-moet-veilig-gewonnen-worden
  • 2 https://energeia.nl/energeia-artike1/40065318/wiebes-komt-met-nieuwe-eisen-aangroeiendegeothermiesector
  • 3https://fd.nl/ondememen/1210522/de-nederlandse-ondergrond-is-een-jungle
  • 4 http://www.vewin.nl/standpunten/paginas/Structuurvisie Ondergrond STRONG_126.aspx
  • 5 http://www.lc.nl/friesland/Tijd-gaat-dringen-voor-geothermie-22920963.html

Vraag 1:

In het uitvoeringsprogramma jaarplan 2017 staat op p.4: Begin 2017 is er een overzichtskaart van beschikbare warmte (geothermie en restwarmte) in Fryslan beschikbaar. Deze kaart !evert input voor een provinciaal warmteplan. Dit plan wordt ingebracht in de regionale energiestrategie.

a) Wanneer ontvangen PS de toegezegde overzichtskaart?

b) Wanneer ontvangen PS het provinciaal warmteplan?

c) Hoe is het warmteplan opgenomen in de regionale energiestrategie?

Antwoord vraag 1:

a) Wij hebben in 2017 twee onderzoeken uit laten voeren: Warmte-inventarisatie provincie Fryslan en Inventarisatie van de geothermiepotentie in Fryslan. Hierin is ook een warmtekansenkaart opgenomen. Deze rapporten worden medio april gedeeld met Provinciale Staten.

b) Zoals aangegeven in de beantwoording van vraag la zijn er twee rapporten opgesteld. De warmte-inventarisatie helpt om keuzes te maken en prioriteiten te stellen in de energietransitie. Deze rapporten gelden als provinciaal warmteplan en worden medio april gedeeld met Provinciale Staten.

c) De onderzoeken benoemd in de beantwoording van vraag la en lb worden gebruikt bij de verdere uitwerking van de Friese energiestrategie. In het kader van de Friese Energiestrategie wordt onderzocht welke systeemkeuzes er op wijk- en dorpsniveau mogelijk zijn.

Vraag 2:

In uw brief van week 44 2017 gee ft u aan dat er op dit moment zeven geothermiedoubletten (d.w.z. parallelboringen; warm water wordt in een pijp opgepompt en afgekoeld water wordt in de parallelle pijp teruggevoerd naar de ondergrond) in de provincie worden ontwikkeld en dat er nog geen ervaring met operationele projecten is. U heeft de wettelijke taak om het Ministerie te adviseren bij het afgeven van een opsporingsvergunning voor geothermie.

a) Om welke zeven geothermiedoubletten gaat het?

b) Hoe luidt uw advies voor elk van deze doubletten en kunt u uw keuze toelichten?

c) Op welke informatie en afkomstig van welke partij(en) per geothermiedoublet baseert u uw

advies?

Antwoord vraag 2:

a) Het gaat om drie projecten random Leeuwarden (2 diepe geothermie en 1 ultradiepe geothermie), eon rond Sexbierum (diepe geothermie), een rond Sneek (diepe geothermie), een rond Drachten (diepe geothermie) en een rond Heerenveen (combi diepe geothermie/ ultradiepe geothermie).

b) Bij alle doubletten waar het gaat om diepe geothermie (winning tot een diepte van 4.000 m) is het advies van de provincie positief. Enerzijds bevat het advies een beoordeling op de mogelijke effecten. Daarin zijn wij kritisch als het gaat om mogelijk te verwachten negatieve effecten. Anderzijds past diepe geothermie binnen de ambitie van de provincie voor energietransitie en is geothermie een kansrijke vorm van energieopwekking. In tegenstelling tot onze adviezen over diepe geothermie hebben wij voor ultradiepe geothermie (winning dieper dan 4.000 m) geen instemmende adviezen afgegeven. De afgegeven adviezen zijn kritisch ten aanzien van de milieu- en veiligheids-, technische en financiele risico's.

c) Onze adviezen zijn gebaseerd op informatie behorende bij het adviesverzoek van het ministerie van EZK. Deze informatie bestaat uit de aanvraag voor een opsporingsvergunning,zoals voorgeschreven in de Mijnbouwregeling. De aanvraag bevat daarnaast aanvullende rapporten over de warmtebalans, exploitatie- en investeringsplan en geologische onderzoeken. De initiatiefnemer is verantwoordelijk voor het aanleveren van de aanvraag en de aanvullende rapporten.

Vraag 3:

Met name op het gebied van ultradiepe geothermie zijn veel zorgen over problemen die kunnen ontstaan bij het boren op grate diepte, waarbij fracking bijna altijd nodig is. Wat betreft Friesland Campina heeft u zich in uw brief (kenmerknr. 01461427) kritisch, maar niet afwijzend, uitgesproken over de aanvraag opsporingsvergunning aardwarmte.

a) In uw brief stelt u dat de veiligheid geborgd moat zijn, de risico's aanvaardbaar en beheersbaar en dat de burgers zorgvuldig betrokken en geInformeerd moeten worden. U noemt daarbij we/ veel bezwaren, zoals het ontbreken van kennis op het gebied van fracking, de actieve aardgasvelden in het gebied en de onduidelijkheden in de vergunningsaanvraag over by. de financiele en technische risico's. Waarom heeft u er niet voor gekozen het voorzorgsprincipe te hanteren en de risico's van boren en fracking als ontoelaatbaar te bestempelen?

b) Op pagina 1 van uw brief noemt u een aantal partijen waaraan u het boringverzoek van Friesland Campina heeft voorgelegd vergezeld van een preadvies.

c) Kunt u een volledige opsomming geven van alle partijen aan wie u het preadvies heeft voorgelegd?

d) Waren zij voor- of tegen het advies?

e) Kunt 1.1 de binnengekomen reacties aan de Staten ter informatie toezenden?

f) U noemt in uw brief heel veel zorgelijke punten. Wat is/zijn voor u de doorslaggevende reden(en) geweest om tot een weliswaar kritisch, maar uiteindelijk toch positief advies te komen?

Antwoord vraag 3:

a) Zoals bij de beantwoording van vraag 2b aangegeven hebben wij in deze situatie geen instemmend advies afgegeven. Met de vragen en de aandachtspunten die wij hebben afgegeven adviseren wij het ministerie am de aanvraag kritisch te beoordelen. Wij kiezen ervoor am de effecten en risico's van geothermie als nieuwe energievorm eerst goed te laten onderzoeken, voordat wij daar instemmend dan wel afwijzend over adviseren. In de Beleidsbrief Geothermie van 8 februari 2018 van minister Wiebes wordt op een aantal van deze aspecten ingegaan en wordt beschreven welke versterkingsmaatregelen nodig zijn voor het toekomstbestendig maken van de geothermiesector.

b) en c) Het adviesverzoek van het ministerie van EZK hebben wij voorgelegd aan interne specialisten, betrokken gemeenten, Wetterskip Fryslan, Vitens, LTO-Noord, Friese Milieu Federatie, RWS Noord Nederland, ministerie van Defensie en Ministerie van Infrastructuur en Milieu.

d) In onze werkwijze leggen wij aan de hand van een interne beoordeling van het adviesverzoek, een preadvies voor aan de te consulteren partijen. Over het algemeen kunnen de betrokken partijen zich verenigen met het door ons opgestelde preadvies. Met name door de gemeenten en het Wetterskip warden aanvullende vragen en aandachtspunten aangedragen. Het Wetterskip heeft een afwijzende standpunt over fracking ingebracht.

e) Het adviseren over opsporingsvergunning is een uitvoerende taak van ons college. De aan ons uitgebrachte adviezen zijn onderdeel van deze uitvoerende taak van het college, deze zijn openbaar en sturen wij u toe.

f) Zoals bij de beantwoording van vraag 2b aangegeven hebben wij in deze situatie geen instemmend advies afgegeven. In de beantwoording van deze vraag hebben wij ook uitgelegd wat onze beweegredenen zijn voor de strekking en formulering van het afgegeven advies.

Gedeputeerde Staten van Fryslan,