Schrif­te­lijke vragen snelvaren Burgumer Mar


SCHRIFTELIJKE VRAGEN, ex artikel 41 Reglement van Orde

Gericht aan

GS

Inleidende toelichting

De pilot snelvaren op de Burgumer Mar is door de rechtbank op 2 augustus 2019 stilgelegd als gevolg van de toewijzing van een voorlopige voorziening, een en ander in afwachting van de behandeling van de bodemprocedure. De rechter heeft de pilot afgeblazen omdat niet voldaan was aan diverse zorgvuldigheidseisen.

Ook is onduidelijk wat de gevolgen van extra stikstofuitstoot zullen zijn voor het nabijgelegen Natura2000-gebied Alde Feanen.

Tegen de oorspronkelijke pilot waren bezwaren ingekomen van natuur- en landschapsvereniging De Walden, de Marren, watersportvereniging Eastermar en omwonenden/aanwonenden te Eastermar.

In de korte tijd vanaf de start van de pilot bleken er al diverse processen verbaal te zijn uitgeschreven omdat diverse snelvaarders zich niet aan de regels hielden. Dat geeft niet het vertrouwen voor de toekomst van een goede bescherming van de natuurwaarden.

Bij brief van 29 oktober 2019 deelt u de Staten mede dat u de pilot snelvaren in 2020 in gewijzigde vorm opnieuw wil gaan uitvoeren. U schuift daarmee de gerechtvaardigde bezwaren van een veelvoud van betrokkenen terzijde, die zich zorgen maken over de effecten op natuur, milieu en dierenwelzijn alsmede andere, meer rustzoekende watersporters en om- en aanwonenden.

De Statenfractie van de Partij voor de Dieren heeft hierover de volgende vragen:

Vragen

U wacht de behandeling van de bodemprocedure niet af. Wat is er zo spoedeisend dat een nieuwe proef niet nog een jaar kan wachten?

  1. Geven de recente ontwikkelingen met betrekking tot de stikstofdepositie en de ligging nabij de Alde Feanen u geen aanleiding om hier prudent mee om te gaan en toch maar even een pas op de plaats te maken met de uitvoering van deze pilot totdat duidelijk is hoe het toekomstige beleid aangaande stikstofdepositie wordt vormgegeven en de juridische procedure is afgerond? Zo nee, waarom niet?
  2. Hoeveel processen verbaal zijn in die korte tijd van de pilot uitgeschreven en wat was de aard van deze overtredingen?
  3. Vormen de diverse processen verbaal die in de zo korte tijd van de pilot al uitgeschreven moesten worden omdat een aantal snelvaarders zich nu al niet aan de regels hielden, niet ook een extra aanleiding om eerst maar eens een pas op de plaats te maken?
  4. U vindt het vooral spijtig voor de initiatiefnemers. Het was een plan van onderop. Maar wanneer dan direct al diverse overtredingen worden geconstateerd en geverbaliseerd, hoe garandeert u dan de natuurwaarden in de nabije toekomst?
  5. Bezwaarmakers tegen de pilot voelen zich door uw handelen niet gehoord, maar ook niet serieus genomen. Bovendien worden ze op extra kosten gejaagd, omdat ze nu opnieuw in beroep moeten gaan. Bezwaarmakers hebben onze fractie in kennis gesteld van de onvrede betreffende de nieuwe procedure. Zij voelen zich besodemieterd in de geest van de wet.
  6. Bent u ervan op de hoogte dat zij overwegen om opnieuw een bezwarenprocedure in te gaan? Zo ja, wat vindt u daarvan in relatie tot uw handelen?
  7. Mochten de bezwaren wederom in een voorlopige voorziening worden toegewezen, legt u zich daar dan bij neer? Zo nee, waarom niet?
  8. Vindt u het aanvaardbaar en verdedigbaar om inwoners nodeloos op kosten te jagen door coute que coute de pilot door te drukken en niet de koninklijke juridische weg te bewandelen en de behandeling van de bodemprocedure af te wachten? Zo ja, kunt u dat toelichten?
  9. Kunt u zich voorstellen dat uw handelswijze bij bezwaarmakers overkomt als een juridische trukendoos, die niet bijdraagt aan het toch al niet te hoge vertrouwen van de gemiddelde inwoner in de overheid? Zo ja, wat gaat u daaraan doen? Zo nee, waarom niet?
  10. In de voornoemde brief van 29 oktober schrijft u dat het toezicht zal worden geïntensiveerd. Kunt u dat nader SMART maken en kwantificeren? Hoe vaak gaat u toezicht houden en op welke manier? Is dat vanaf de kant of op het water zelf of beiden? Hoe gaat u om met eventuele klachten van andere watersporters, recreanten, natuurorganisaties, en dergelijke?
  11. Als u uw toezichthoudende taak goed wil uitvoeren, zal daar het nodige extra budget voor uitgetrokken moeten worden. Wat gaat dat dan in totaal kosten en wie gaat dat betalen?
  12. In voornoemde brief wordt wel gesproken over toezicht, maar niet over handhaving. Wij nemen aan dat vanuit die toezichthoudende rol onmiddellijk gehandhaafd wordt bij de constatering van overtredingen. Is dat juist?

Hoe denkt u overtreders te gaan verbaliseren wanneer ze met hun speedboten in een oogwenk weer een eind verderop zijn, met andere woorden hoe hoog acht u de pakkans?

Indiener

PvdD, Rinie van der Zanden

Datum

16 december 2019