Inbreng bij geitenstop / Wijziging Veror­dening Romte 2014


11 juli 2019

Dank u wel voorzitter,

Sinds februari van dit jaar is er qua feiten niks veranderd. Dat betekent dat er ook nu nog een kans op extra longontstekingen is in een straal van 2 km van een geitenhouderij. En die kans is voor zover wij weten groter dan wanneer je niet vlak bij een geitenhouderij woont.

Nu is er de afgelopen maand discussie ontstaan over de vraag of dat ook voor de situatie in Fryslân geldt. Er is inmiddels vervolgonderzoek gedaan, in met Fryslân vergelijkbare situaties elders in Nederland: in Utrecht, Overijssel en Gelderland. En de resultaten worden binnenkort afgeleverd bij de opdrachtgever, zo hebben we tijdens de expertmeeting vernomen. Dus we moeten nog even geduld hebben en wachten totdat het rapport aan de Tweede Kamer wordt aangeboden en vanaf dat moment openbaar is.

In het traject zienswijzen heeft de geitensector een aantal punten aangereikt om hen zoveel mogelijk tegemoet te komen. En deze punten zijn in het voorliggende besluit opgenomen, zoals de beperking van de stop tot één jaar en de eigen geitenbokjes mogen 10 weken op het eigen bedrijf blijven. Maar nog is dat blijkbaar niet genoeg en er is een stevige lobby tegenaan gezet om de hele stop van tafel te krijgen. Er lijkt nu zelfs een meerderheid te ontstaan om de geitenstop op te heffen.

Dat zou wat ons betreft een hele grote fout zijn, omdat de Staten daarmee het voorzorgsbeginsel opzij schuiven. En nog kwalijker is dat er zo een onomkeerbare situatie kan ontstaan. Want er zijn sterke signalen dat wanneer de geitenstop wordt opgeheven er een hele serie nieuwe vergunningaanvragen zal loskomen: een aantal Friese geitenbedrijven die willen uitbreiden, melkveehouders die het lege deel van hun stal willen gebruiken voor geiten en ondernemers uit andere delen van Nederland die hier hun kans schoon zien.

Waar het om draait is dat als zo’n vergunning eenmaal aangevraagd is, de overheid er dan niets meer aan kan doen om dat te stoppen. En het meest kwalijke van de zaak is dat de Provincie daar geen zicht op heeft omdat vergunningen worden afgehandeld door de gemeenten. En dat weten de hier aanwezige politieke fracties als geen ander.

De landelijk overheid legt eerst het probleem op het bord van de provincies en deze provincie zou dan het probleem op het bord van de gemeenten gaan neerleggen. Afschuiven van verantwoordelijkheden heet dat. Dat is nou juist iets waar politici die hun taak serieus nemen niet aan mee zouden moeten willen doen. Dat soort afschuifgedrag bedoelen burgers nou als ze aangeven onvoldoende vertrouwen in de overheid te hebben.

Opheffen van de geitenstop legt het risico daarvan op een plek waar die absoluut niet thuishoort, namelijk bij de omwonenden van geitenhouderijen in deze provincie.

En je moet er ook als geitenhouder toch niet aan denken dat je extra risico’s veroorzaakt jegens dorpsgenoten! Als we met elkaar verstandig zijn, blijven we nog even voorzichtig.

Zo wordt in ieder geval het volksgezondheidsaspect afgedekt en komen de belangen van de geitenhouders niet onnodig al te lang in het gedrang. Want het besluit komt met maximaal één jaar al tegemoet aan de wensen van de sector. Naar verwachting zijn de resultaten van het vervolgonderzoek in januari 2020 definitief bekend, misschien zelfs eerder.

Wanneer uit het vervolgonderzoek blijkt dat er geen gevaar is voor de volksgezondheid in Fryslân dan kan de stop er direct af. En dan zijn alle partijen het snel en unaniem met elkaar eens. Maar nu niet. En dat moet op zichzelf al een signaal zijn!

Maar wanneer uit het vervolgonderzoek mocht blijken dat er wel een gevaar voor de volksgezondheid is, dan hebben we met handhaving van de stop juist gehandeld, en in ieder geval als provinciale overheid ook voorkomen, dat er alweer nieuwe vergunningaanvragen in procedure zijn die dan namelijk ondanks een nieuw in te stellen geitenstop niet meer kunnen worden tegengehouden.

En dat is nou precies waar het bij het toepassen van het voorzorgsprincipe om gaat. Even wachten, even pas op de plaats vanwege het belang van de volksgezondheid van alle inwoners van Fryslân die binnen 2 km van een geitenhouderij wonen.

2e termijn:

In het traject zienswijzen heeft de geitensector zoals al gezegd een aantal punten in het voorliggende besluit geplaatst gekregen om hen zoveel mogelijk tegemoet te komen. En dat is mooi. Maar nog was dat niet genoeg. Er is een stevige lobby tegenaan gezet om de hele stop van tafel te krijgen. En wat doe je dan? Dan ga je het de onderzoeksrapporten proberen onderuit te halen. En wel samen met de belangenbehartiger van de veesector, de Gezondheidsdienst voor Dieren. Die kon er ook wat van daar in Marssum. De Gezondheidsdienst voor Dieren die, en dat is een vaststaand feit en dat staat in het evaluatierapport van destijds over de hele Q-koortsaffaire, heel lang geprobeerd heeft,- vanwege de privacy van de geitenhouders en hun gezinnen-, om de volledige postcodeadressen niet vrij te geven van de tijdens de Q-koorts wel al bekende besmette bedrijven. Totdat de Overheid hen daartoe dwong. En daardoor hebben veel meer omwonenden en argeloos in die omgeving fietsende of wandelende mensen extra risico gelopen op besmetting met de Q-koorts. Die Gezondheidsdienst voor Dieren dus.

Niet alleen de onderzoeken, maar ook diverse daarbij betrokkenen werden zonder dat ze erbij waren daar in Marssum onderuit gehaald door deze Gezondheidsdienst voor Dieren. Daar maakte de geitensector dankbaar gebruik van en deed er nog een schepje bovenop. En zo wordt de longontstekingenkwestie voor die schoonste provincie Fryslân nu inmiddels geframed als: een non-issue, na 10 jaar nog geen echte oorzaak gevonden en die valt ook niet te verwachten. Nee, de hele kwestie is ingegeven door emotie in plaats van door feiten en cijfers. GS zou zelfs aan het lijntje lopen van de Partij voor de Dieren! Gelooft u dat hier in deze zaal? Over emotie gesproken!

Nee, vandaag wordt het wel duidelijk. Helemaal duidelijk wie zich laat leiden door de feiten en cijfers, de juiste feiten en cijfers en wie niet. Het is de geitensector bijna gelukt om verschillende politieke partijen voor zich te winnen.

Maar moge glashelder zijn: alle aangevoerde argumenten en aannames blijken onjuist te zijn. Dat heeft mw. Smit, onderzoekster van de rapporten in haar uitgebreide en heel geserreerde mail aangegeven. En wanneer je als partij dan toch volhoudt dat je de volksgezondheid op nummer 1 hebt staan, maar tegenstemt, dan ben je zoals net al even is gezegd een leek op de stoel van de deskundige.