Inbreng bij Ontwerp-Omge­vings­ver­or­dening over zorg­plicht weide­vogels


25 maart 2021

Dank u voorzitter

Ik vraag me af waarover we hier vandaag moeten debatteren.

Het gaat hier om een onderdeel van de ontwerp-omgevingsverordening Fryslân die van 1 maart tot 12 april ter inzage ligt. Het gewraakte voorstel is nog geen vastgesteld beleid. Een ieder heeft de mogelijkheid om zienswijzen in te dienen. Daarna pas volgt het traject naar de vaststelling van de omgevingsverordening door de Staten, vermoedelijk ergens in het najaar. Het is nu niet het moment om een inhoudelijk debat te voeren over een onderdeel van de ontwerp-omgevingsvisie. Ik snap dan ook niet de ratio van PVV, FvD en CU voor het aanvragen van dit spoeddebat. Ik hou het maar op een hardnekkige besmetting van het verkiezingsvirus bij de aanvragers van het debat waartegen nog geen vaccin is ontwikkeld.

Voorzitter, wat de Partij voor de Dieren betreft, is hiermee over dit spoeddebat voldoende gezegd. In het komende traject naar de vaststelling van de omgevingsverordening is voldoende gelegenheid om met de sector in gesprek te gaan met de bedoeling om te komen tot een regeling met draagvlak. Bij brief van 17 maart 2021 geeft het College aan daarnaar te streven. De PvdD fractie sluit daarbij aan, maar tekent wel aan dat het leidend principe van de regeling moet zijn dat voorzien wordt in een zo goed mogelijk bescherming van de weide- en akkervogels, zoals bedoeld is in de Wet natuurbescherming.

Voorzitter, ik sluit af met een laatste opmerking. Voor de invulling van de regeling in het kader van de zorgplicht voor weidevogels is vertrouwen over en weer nodig. Een oorlogsverklaring aan het provinciale bestuur, zoals gedaan is in de overbodige demonstratie van enkele weken terug, helpt niet mee om hier in gezamenlijkheid en op een positieve manier uit te komen.